Achtergrondinformatie over Kasteel Loenersloot

Ooit kende de provincie Utrecht veel buitenplaatsen (zo’n 650), daarvan is meer dan de helft in de loop der tijd  in verval geraakt en afgebroken. De eigenaar kon het onderhoud van zijn zomerhuis met riante tuin en bijgebouwen niet langer betalen. Dikwijls werd de grond opgedeeld en verkocht. Daar werden bijvoorbeeld nieuwe huizen of soms compleet nieuwe wijken gebouwd. Toch telt de provincie nog altijd zo’n 285 buitenplaatsen, dat is veel ten opzichte van andere provincies. De buitenplaatsen zijn onvervangbaar erfgoed, want ze vertellen ook een verhaal over bewoners, het leven in die tijd en de omgeving.

 

Kasteel Loenersloot

Kasteel Loenersloot werd gebouwd langs de Angstel, daar waar de Lonoralaca (Loenerlaak) uitmondde in de Angstel. De Loenerlaak verlandde en werd een sloot: Loenersloot. Het kasteel domineert sinds ongeveer 1250 het dorp Loenersloot en de omgeving. Begonnen met alleen een donjon (toren), is in de loop der eeuwen veel aan- en bijgebouwd, maar ook veel afgebroken. Vanaf de zeventiende eeuw werd het kasteel geleidelijk omgevormd tot een buitenplaats, met bijbehorende (moes)tuinen en boomgaarden. Eind achttiende eeuw wordt ten noorden van het kasteel een park aangelegd.

Kasteel Loenersloot is steeds verder ingeklemd geraakt tussen grote infrastructurele werken: het Amsterdam-Rijnkanaal, het spoor, de N201 en de A2. Het kasteel en zijn bewoners belandden op een soort eiland en raakten geïsoleerd van de omgeving. De wereld om het kasteel draaide steeds sneller terwijl de tijd op het kasteel stil leek te staan. Tot de huidige bezittingen van Kasteel Loenersloot behoren verschillende (woon)boerderijen, een koetshuis en een brugwachterswoning, maar ook zo’n 60 hectare grasland.

Het kasteel heeft in de loop der eeuwen vele illustere bewoners gehad. Een kleurrijk figuur was Splinter van Loenersloot, die het in 1373 zo bont maakte dat de bisschop van Utrecht besloot het kasteel te belegeren. Het kasteel heeft de belegering overleefd en Splinter moest even een toontje lager zingen.

Ook de laatste bewoonster, de barones Magdalena F.M. (Madzy) barones Van Nagell – Martini Buys, was een bijzonder persoon. Dorpsbewoners zagen haar regelmatig in de bus stappen of kwamen haar tegen bij de bakker, waar zij vond dat ze als eerste bediend moest worden. Wars van moderne fratsen en mede door haar eigenzinnigheid heeft zij er voor gezorgd dat de bijzondere sfeer op het kasteelterrein bewaard is gebleven. De barones bewoonde slechts enkele kamers. Erg aangenaam was het er niet: in de winter werd het huis zo koud, dat de barones rondjes op de fiets door het huis maakte om op te warmen.

Lees hier meer over de bewoners.