Les 3 Voorbereiding op het bezoek van de fotograaf

Lesinhoud
  • De leerlingen bereiden zich voor op de komst van de fotograaf in de klas.
  • De leerlingen bereiden samen hun groepsportret voor.
Benodigdheden
Tijd
20 minuten
Voorbereiding
Kopieer werkblad 3 voor elk groepje.

Belangrijke opdracht voor de leerkracht i.v.m. het portretrecht

  • Zoek uit welke leerlingen er NIET op de foto mogen en noteer de namen van deze leerlingen. Dit in verband met het portretrecht. Het voorstel is om deze leerlingen WEL mee te laten doen met de fotosessie. Deze foto’s worden alleen INTERN binnen de school bekeken. De fotograaf maakt ook een foto van het groepje ZONDER deze leerling. Deze foto kan dan later gebruikt worden voor een expositie buiten school.
  • Kijk in je rooster welke fotograaf naar jouw school komt. Stuur een mail naar Olivier van Hartingsveldt (oliviervanhartingsveldt@gmail.com) of Marije van de Hoeven (marijevdhoeven@planet.nl):
    – met vermelding naam leerkracht, groep en school;
    – de indeling van de groepjes met het ‘thema’ (bijv. de sporters, de onderzoekers, de knutselaars) plus de naam van de assistent;
    – eventueel per groepje de naam van de leerling die NIET op de foto mag.

 

1. Hobby’s en andere leuke dingen

Illustratie_besprekenHoud een gesprek met de leerlingen over wat ze graag doen. Dat kan van alles zijn: dingen verzamelen, zwemmen, zich verkleden, cakejes bakken, hutten bouwen of voor dieren zorgen. Zijn er leerlingen die een geheime club hebben? Of een speciaal spel hebben bedacht?

Maak dan een indeling in groepjes van leerlingen met een gezamenlijke interesse. Deze groepjes hoeven niet even groot te zijn. De maximale grootte van één groepje is zeven personen. In totaal kunnen er vijf groepjes gevormd worden. Maak een ‘van alles en nog wat’-groep van degenen die eventueel overblijven.

2. Groepsportretten van vroeger

Laat de leerlingen groepsportretten van vroeger zien. Toen kwamen de mensen in een studio en moesten ze voor een achtergrond staan die ze niet zelf hadden uitgekozen. De schoolfotograaf werkt ook zo. Het enige wat je dan zelf meeneemt is je glimlach.

3. Wat gaan we doen?

Vertel de leerlingen dat de fotograaf in de klas komt. Hij/Zij zal het heel anders aanpakken dan de fotografen van vroeger.
De fotograaf zoekt een rustige achtergrond op; ieder groepje mag dan zelf bedenken wat er allemaal te zien zal zijn, als een groot vel tekenpapier dat ingevuld wordt.

Elk groepje bereidt daarom zijn groepsportret voor. Bijvoorbeeld:

  • Hoe kun je op de foto laten zien dat je van de leesclub bent, of van dieren houdt? Natuurlijk met boeken en knuffels!
  • En het zwemgroepje neemt badpakken, zwembroeken en handdoeken mee, maar ook diploma’s, duikbrillen en een opblaasdolfijn.

De leerlingen bedenken welke spullen er voor hun groepje nodig zijn. Laat elk groepje om de beurt dingen opnoemen. Andere groepjes mogen meedenken en eventueel voor spullen zorgen.

groepsportretten

4. Welke spullen hebben we nodig?

De leerlingen gaan in de groepjes bij elkaar zitten en maken op werkblad 3 een lijst met spullen die ze meenemen voor hun foto. Hang de werkbladen op het bord. Verzamel voorafgaand aan het bezoek van de fotograaf al deze spullen in tassen, dozen of kratten in het lokaal. Per groepje één tas, doos of krat.

5. Taakverdeling

In de gastles zet fotograaf alle groepjes op de foto. Hij/Zij heeft bij ieder groepje een assistent nodig die helpt bij de enscenering. Dat moet dan iemand zijn die NIET in dat groepje zit. Kies vijf leerlingen voor deze taak. Zij zijn dan dus assistent bij een ander groepje, naast de rol die ze hebben in hun eigen groepje.